De Gazastrook is een gebied van 363 km², begrensd door Egypte, de Middellandse Zee en de Israëlische wapenstilstandsgrens van 1949. De belangrijkste steden zijn Gaza, Rafah, Abasãn, Khãn Yünus en Dayr al Balah. De kustlijn bedraagt circa 40 km, de grens met Egypte circa 11 km en de grens met Israël circa 51 km.
De huidige bevolking van bijna 1,5
miljoen inwoners is vrijwel geheel Arabisch. De meesten hangen de
soenitische islam aan; een kleine minderheid is christen.
Deze vluchtelingen werden aanvankelijk opgevangen in vluchtelingenkampen van de UNRWA, een VN organisatie die speciaal voor de Arabisch-Palestijnse vluchtelingen werd opgericht. De tentenkampen werden later door 8 woonwijken vervangen, waar nu bijna een half miljoen mensen wonen en die nog steeds als vluchtelingenkampen worden aangemerkt. UNRWA voorziet hen al 60 jaar van onderwijs, gezondheidszorg en andere faciliteiten, en zonodig voedselhulp. Van de bijna anderhalf miljoen bewoners van de Gazastrook worden er ruim 960.000 als vluchteling aangemerkt.
De Arabische Liga had op 22 september 1948 een Palestijnse regering in Gaza ingesteld, die echter vrijwel niets te vertellen had en buiten de Arabische wereld niet werd erkend, en ook niet door Trans-Jordanië, dat op de Westoever een eigen Palestijnse marionettenregering installeerde. Egypte bezette de Gazastrook tot 1967 en vormde via een militaire gouverneur het feitelijke bestuur. De Palestijnse regering werd later naar Caïro verplaatst en in 1959 door Egypte per decreet opgeheven.
Israël bezette de Gazastrook en de Sinaï tijdens de Suezcrisis van 1956, maar trok zich na 4 maanden terug onder vooral Amerikaanse druk. Er werden toen VN-troepen in de Sinaï gelegerd en aan de door Egypte opgezette Palestijnse aanvallen vanuit de Gazastrook op Israël was een einde gekomen. Tijdens de Zesdaagse Oorlog van juni 1967 nam Israël beide gebieden weer in, nadat Egypte de VN-troepen naar huis had gestuurd en de haven van Eilat geblokkeerd. In de vredesbesprekingen met Egypte eind jaren '70 bleek deze de Gazastrook niet terug te willen hebben, en werd overeengekomen dat de Palestijnen in plaats daarvan verregaande autonomie zouden krijgen. Onderhandelingen daarover liepen echter al snel vast.
Israël voerde een militair bestuur over de Palestijnse gebieden en trad - vooral in de beginjaren van de bezetting - hard op tegen het Palestijnse verzet, dat ook aanslagen binnen Israël pleegde. Er werden militaire bases ingericht en huizenrijen gesloopt om bredere straten te creëren zodat er beter gepatrouilleerd kon worden. Ariel Sharon was de militaire commandant voor zuid-Israël inclusief Gaza.
Ook werden begin jaren '70 de eerste Joodse nederzettingen in de strook gesticht.
Daarentegen probeerde Israël de levensomstandigheden van de Palestijnen te verbeteren. De bevolkingsgroei en de vluchtelingenkampen behoorden tot de grootste problemen in de Gazastrook. Pogingen om geboortebeperkingsklinieken en nieuwe woonwijken voor de vluchtelingen op te richten stuitten echter op verzet van het Palestijnse leiderschap en de Verenigde Naties. Er werden onder Israëlisch bestuur ziekenhuizen en scholen opgericht en electriciteit en andere voorzieningen aangelegd.
Nu de Gazanen niet meer in Egypte konden studeren, werd in Gaza in 1978 ook een eigen (islamitische) universiteit opgericht, die voortkwam uit het islamitische college. Deze kwam echter steeds meer in extremistische handen en werd één van de machtsbases van Hamas.
De economie van de bezette gebieden werd na 1967 grotendeels geïntegreerd in de Israëlische economie, en tienduizenden Palestijnen (begin jaren '90 bijna 40% van de beroepsbevolking) uit de Gazastrook vonden werk in Israël en honderden in de Joodse nederzettingen.
Israël stichtte vanaf de
jaren '70 in totaal 21
nederzettingen in de Gazastrook, waar zich ruim 8.000 Joodse kolonisten
vestigden, die (inclusief door het leger gecontroleerde toegangswegen
en militaire
bases) 20-30% van de oppervlakte van de Gazastrook in beslag namen.
In 2004 besloot de Israëlische premier Ariel Sharon, de nederzettingen en militaire bases te ontruimen en het leger uit de Gazastrook terug te trekken, in het kader van het zogenaamde disengagement plan. Een ruime meerderheid van de Israëlische bevolking steunde deze terugtrekking, maar de rechtse partijen in zijn regering - inclusief Sharons eigen Likoed partij - verzette zich ertegen. Sharon zette door en liet in augustus 2005 alle nederzettingen ontruimen, waarna Israël in september de controle over de Gazastrook overdroeg aan de Palestijnse Autoriteit.
Vanuit de oorspronkelijk Egyptische Moslim Broederschap richtte Sheik Achmed Yassin in Gaza in de jaren '70 diverse religieuze en maatschappelijke islamitische organisaties op, waaronder onderwijs- en liefdadigheidsinstellingen. Israël steunde deze organisaties als tegenwicht tegen de seculiere nationalistische PLO van Arafat, maar Yassin gebruikte ze in 1987/1988 voor de oprichting van Hamas, dat zich aansloot bij de Palestijnse opstand van de eerste intifadah. Hamas zette zich af tegen zowel collaboratie met Israël als tegen de corrupte Fatah/PLO, dat zich tot leider van de intifada had gemaakt en tegelijkertijd op een compromis met Israël leek af te koersen. Hamas stelde in 1988 een uitgesproken antisemitisch handvest op, dat opriep tot een jihad, de islam tot leidraad in de Palestijnse strijd verklaarde en elk compromis en onderhandelingen met Israël uitsloot. Veel energie ging in de eerste jaren zitten in de opbouw van de organisatie en het wedijveren met de PLO om het Palestijnse leiderschap. Behalve vermoede collaborateurs viel Hamas ook drankwinkels aan, en pleegde in 1989 6 aanslagen op Israëli's. Hamas werd door Israël verboden nadat het 2 Israëlische soldaten had ontvoerd en vermoord.
Tijdens de Golfoorlog steunde Hamas Saddam Hoessein niet, wat hen goodwill en geld van de Golfstaten opleverde, die zich van de PLO afkeerden. Hamas wees echter ook het Oslo vredesproces af, en trachtte dit te ondermijnen met aanslagen tegen Israël. In 1994 pleegde ze de eerste zelfmoordaanslag.
In mei 1994 werd in het kader van de Oslo Akkoorden tweederde van de Gazastrook onder de civiele jurisdictie van de Palestijnse Autoriteit geplaatst, terwijl de nederzettingen, militaire posities en grenzen onder Israëlische controle bleven. Arafat en andere PLO kopstukken werden feestelijk in Gaza Stad ontvangen door de Palestijnse bevolking. Zij vestigden hier in eerste instantie de PA, totdat ook delen van de Westoever werden overgedragen en het hoofdkwartier van de PA naar Ramallah verhuisde.
De Palestijnse Autoriteit onder Arafat en de PLO leed zwaar onder corruptie, vriendjespolitiek en inefficiëntie, waardoor de als efficiënt en rechtlijnig geziene Hamas aan populariteit won. Ook de sociale instellingen die Hamas leidde en haar onbuigzaamheid en compromisloosheid tegenover Israël droegen bij aan haar populariteit. Arafat heerste als een despoot, liet tegenstanders opsluiten zonder proces, en beheerde de financiën van de PA als zijn eigen portemonnee. Het geld gebruikte hij veelal om loyaliteit en populariteit te kopen, en hij maakte maandelijks een miljoen Euro over aan zijn vrouw in Parijs. Op de 'loonlijst' van de Palestijnse Autoriteit stonden veel meer mensen dan er in werkelijkheid werkten, waaronder mensen die waren geëmigreerd of overleden. Miljarden aan internationale hulp zijn op die manier verdwenen. De PA kende een wirwar aan veiligheids- en politiediensten, die grotendeels onder directe controle van Arafat stonden. Zijn directe ondergeschikten en vertrouwelingen waren verantwoordelijk voor aanslagen op Israëli's en liquidaties van Palestijnen, alsmede voor corruptie zoals steekpenningen voor het importeren en exporteren van goederen naar de Gazastrook en het bevoordelen van bedrijven in de bouwindustrie waar zij zelf de hand in hadden. Arafat zelf stak hen ook honderdduizenden Dollars toe.
Vanaf de Tweede Intifada voerde Israël geregeld militaire akties uit in de Gazastrook, vaak met gerichte beschietingen op terroristische doelen vanuit de lucht en soms door invallen met grondtroepen in steden en vluchtelingenkampen. Aanleiding hiervoor waren meestal terroristische aanslagen door Hamas of Islamitische Jihad, en later de raketbeschietingen vanuit de Gazastrook op Israël (met name Sderot), en de ontvoering van een Israëlische soldaat in 2006.
In 1994 werden - temidden van de eerste golf zelfmoordaanslagen door Hamas en andere terreurgroepen op doelen in Israël (1994-1996) - een hek om de Gazastrook geplaatst en strenge grenscontroles ingevoerd. De meeste Gazanen verloren hierdoor hun werk in Israël.
Daarna werden de grensovergangen weer versoepeld, en eind jaren '90 werden enkele verbindingsroutes tussen de Gazastrook en de Westoever over Israëlisch grondgebied overeengekomen. Hier kwam weinig van terecht vanwege het toenemende geweld vanaf de tweede intifada in 2000, waarbij Israël de grenzen weer veelvuldig gesloten hield. De verkiezingsoverwinning van Hamas in 2006 leidde tot nieuwe verscherping van de grenscontroles.
Kort na de Israëlische terugtrekking in 2005 werd de grens tussen de Gazastrook en Egypte, de zogenaamde Philadelphi Road, overgedragen aan de Palestijnse Autoriteit. Onder Amerikaanse bemiddeling werd een ingewikkelde overeenkomst gesloten voor de grenscontrole tussen Gaza en Egypte. Goederenvervoer moest via de Israëlische Kerem Shalom grensovergang en Europese waarnemers moesten toezien op het personenverkeer tussen Gaza en Egypte om wapensmokkel te voorkomen. Na de Hamas overname van de Gazastrook in juni 2007 vertrokken de EU waarnemers vanwege bedreigingen. Egypte liet mondjesmaat Palestijnen in en uit en volgens Israël smokkelde Hamas honderden miljoenen aan cash geld de Gazastrook binnen. Daarnaast wordt er via een uitgebreid tunnelstelsel van alles via Egypte Gaza binnengesmokkeld, van sigaretten en geneesmiddelen tot munitie, geweren en volgens sommigen zelfs raketten en anti-tankwapens. Sinds de Hamas machtsovername heeft zij een steeds groter deel van de tunnels in haar bezit, en is de smokkel in drugs afgenomen.
Na ontmanteling van alle Joodse nederzettingen in de Gazastrook en terugtrekking van het Israëlische leger, kwam op 12 september 2005 de controle over het grondgebied (exclusief kustwateren en luchtruim) geheel in handen van de Palestijnse Autoriteit. In januari 2006 werden de Palestijnse parlementsverkiezingen echter gewonnen door Hamas, dat voor het eerst mocht meedoen ondanks dat dit in strijd was met de Oslo Akkoorden die de PA hadden gecreëerd. De PA was in het leven geroepen om met Israël over vrede te onderhandelen, en de Oslo Akkoorden bepaalden expliciet dat terroristische en racistische partijen waren uitgesloten van deelname. De Hamas regering werd dan ook geconfronteerd met een internationale boycot en met een machtsstrijd met president Abbas en zijn Fatah partij. Na een jaar onderling touwtrekken en gevechten werd er kortstondig een Palestijnse eenheidsregering gevormd van Hamas en Fatah (zie ook Mekka overeenkomst ). Die kwam al snel ten val, nadat Hamas op 14 juni 2007 met geweld de controle over de Gazastrook overnam en de de facto regering werd. Bij de gevechten tussen Hamas en Fatah vielen in 2007 meer dan 300 doden. Met name Hamas pleegde hierbij grove mensenrechtenschendingen zoals standrechtelijke executies van (vermeende) Fatah sympathisanten, gewonden uit ziekenhuizen sleuren en mensen van daken gooien. Aan Fatah gelieerde journalisten werden bedreigd en opgepakt, kranten gesloten en demonstraties verboden. Vonden deze toch plaats, zoals bij de herdenking van de dood van Arafat, dan traden de Hamas milities hard op. Ook de 3.000 christenen in de Gazastrook kregen het zwaar: een christelijke bibliotheek werd verwoest, een boekwinkel in brand gestoken en een man vermoord. Voor de machtsovername van Hamas heerste chaos, waren er veel kidnappings, strijd tussen rivaliserende clans etc. Hamas werd wel geroemd voor het brengen van orde en veiligheid, en onder Hamas is bijvoorbeeld de Britse journalist Alan Johnston vrijgekomen na drie maanden gevangen te zijn gehouden door een radikale groep, de zogenaamde Dogmush Clan. De orde ging echter ten koste van de basale vrijheden die er voordien nog waren. Een speciale gezant van de VN meldde dat vrouwen in Gaza worden verplicht een hoofddoek te dragen.
Hamas leed sinds de tweede intifada zwaar onder de Israëlische militaire operaties, met name de gerichte liquidaties van haar commandanten en leiders zoals oprichter Yassin en Rantisi. Door de grenssluitingen en -controles slaagden Hamas en andere terroristische groepen er nog maar zelden in om aanslagen in Israël te plegen. Vanaf 2002 werden er met toenemende frequentie primitieve "Qassam" raketten en granaten vanuit de Gazastrook op Israël afgevuurd, iets waaraan zelfs de Israëlische militaire campagne in 2006 geen einde kon maken. Het voornaamste doelwit is het grensplaatsje Sderot, waarop duizenden raketten en granaten zijn afgevuurd, met tientallen doden en gewonden en een langdurige ontwrichting van het leven tot gevolg.
Enkele malen kondigde Hamas een staakt-het-vuren af en bood een 'hudna' (tijdelijke wapenstilstand) aan. Men eiste echter dat Israël ook alle militaire operaties op de Westoever zou staken, en juichte tijdens het staakt-het-vuren wel aanslagen en raketbeschietingen door andere terroristische groepen toe. Voor de hudna verlangde men een totale terugtrekking van Israël tot achter de grenzen van 1967 en vrijlating van alle Palestijnse gevangenen, voorwaarden die voor Israël onbespreekbaar zijn in vredesonderhandelingen, laat staan voor een wapenstilstand.
Velen stellen dat de Gazastrook ondanks de Israëlische terugtrekking nog steeds bezet is, omdat Israël de grenzen heeft afgesloten en het luchtruim beheerst. De gangbare definitie van een bezetting is echter dat een land de autoriteit en het bestuur over een ander land heeft overgenomen. De definitie van een bezetting volgende Haagse Conventie uit 1907 waar de Geneefse Conventie op is gebaseerd:
Art. 42. Territory is considered
occupied when it is
actually placed under the authority of the hostile army.
The occupation extends only to the territory where such authority has
been
established and can be exercised.
...
Art. 53. An army of occupation can only take possession of cash, funds,
and
realizable securities which are strictly the property of the State,
depots of
arms, means of transport, stores and supplies, and, generally, all
movable
property belonging to the State which may be used for military
operations.
All appliances, whether on land, at sea, or in the air, adapted for the
transmission of news, or for the transport of persons or things,
exclusive of
cases governed by naval law, depots of arms, and, generally, all kinds
of
munitions of war, may be seized, even if they belong to private
individuals,
but must be restored and compensation fixed when peace is made.
....
Art. 55. The occupying State shall be regarded only as administrator
and
usufructuary of public buildings, real estate, forests, and
agricultural
estates belonging to the hostile State, and situated in the occupied
country.
It must safeguard the capital of these properties, and administer them
in
accordance with the rules of usufruct.
Geen enkel deel van de Gazastrook staat onder controle van het Israëlische leger, en Israel voert geen bestuur meer over de inwoners, hun bezittingen of grondgebied. Zou Israël inderdaad de Gazastrook nog steeds bezetten, dan zou het verantwoordelijk zijn voor het handhaven van de wet en de orde, en dus het recht of zelfs de plicht hebben om hard op te treden tegen overtreders en geweldplegers. Het komt vaker voor in oorlogssituaties dat vijandige gebieden worden geblokkeerd en dit is nooit eerder als een bezetting getypeerd. Denk aan de blokkade van Berlijn of aan de blokkade van Duitsland door Groot-Brittannië tijdens de Tweede Wereldoorlog. Soms is het doel van zo'n blokkade om een bepaald gebied te kunnen innemen, maar een blokkade op zichzelf is geen bezetting. Israël is overigens niet van plan om Gaza (weer) in te nemen, maar wil slechts een einde aan de raketbeschietingen en aan de militaire opbouw door Hamas.
Overigens was de Haagse Conventie bedoeld om de verhoudingen tussen staten te reguleren, en de Gazastrook is geen staat. Er is vrijwel consensus dat de strook deel moet gaan uitmaken van een toekomstige Palestijnse staat, maar dit is niet mogelijk zolang de Gazastrook onder controle is van een organisatie die niet bereid is Israël te erkennen en er vrede mee te sluiten.
Volgens Britse statistieken uit 1945 woonden in het toenmalige district Gaza (dat niet gelijk is aan de huidige strook) 145.700 moslims (97%), 1.300 christenen (1%) en 3.540 joden (2%), wat een totale bevolking van 150.540 mensen betekent. 75% Van de grond zou in Arabische handen zijn geweest, 4% in Joodse handen en 21% in publieke handen of overig.
In 1948 woonden 80.000 mensen in het gebied van de huidige Gazastrook. De in 1946 gestichte Joodse kibboetz Kfar Darom moest geëvacueerd worden toen Egypte binnenviel. Na beëindiging van gevechten in 1949 waren er 180.000 tot 200.000 Palestijnse vluchtelingen in de Gazastrook beland, die in 8 kampen van de UNRWA werden opgevangen.
Anno 2008 wonen in de Gazastrook ruim 1,4 miljoen Palestijnen, wat een vervijfvoudiging in amper 60 jaar betekent. Daarvan waren in maart 2005 961.645 personen door UNRWA geregistreerd als vluchtelingen (voornamelijk nakomelingen van de oorspronkelijke vluchtelingen). De grootste stad is Gaza met ongeveer 400.000 inwoners. De bevolkingsdichtheid in de Gazastrook bedraagt meer dan 3.500 personen per vierkante kilometer. De totale vruchtbaarheid van vrouwen in de Gazastrook behoort tot de hoogste ter wereld: in 2003 ruim 6 kinderen per vrouw. De gemiddelde bevolkingsgroei is 3,8%. Bijna de helft van de bevolking (49,4%) zit in de leeftijdscategorie van 0-14 jaar.
In 2004 stond het werkloosheidspercentage op 41,3%. 66% Van de bewoners van Gaza leven onder de door de VN gehanteerde armoedegrens van 2 dollar per persoon per dag. Een meerderheid is dan ook afhankelijk van hulp van buiten. (Cijfers volgens Wikipedia)

Israël
- Palestina
Informatie
______________
Hoofdpagina
Israël-
Palestina Informatie
Geschiedenis
conflict Midden-Oosten
Vredesproces
&
recente geschiedenis
Geschiedenis
Joden
& antisemitisme
in Europa en de
Arabische wereld
&
Landkaarten
Israël & Palestina
______________
SPECIFIEKE
THEMA'S:
60
Jaar delingsplan
Israël en de VN
60
Jaar Israël &
Nakba (1948-2008)
Bezette
gebieden
& nederzettingen
Apartheidsmuur
of
veiligheidshek
Racisme, kolonialisme & Apartheid
Mythes
& beeldvorming
over het conflict
Initiatieven
voor
vrede en verzoening
Palestijnse Gevangenendocument