dec 012012
 

door Ratna

Palestijnse president Machmoud Abbas (midden) en zijn delegatie bij de VN, na de aanname van de resolutie die Palestina als staat erkent.

Donderdag 29 november 2012 besloot de VN Algemene Vergadering de status van de Palestijnen te veranderen van ‘waarnemende entiteit’ tot ‘waarnemende staat’. 138 Landen stemden voor, 9 tegen en 41, waaronder Nederland, onthielden zich van stemming. Dit is een diplomatieke nederlaag voor Israel, dat zich had beijverd om dit te voorkomen. De Palestijnen op hun beurt vierden feest, en dansten op het Arafat plein in Ramallah rond een symbolische VN zetel met ‘Palestina’ erop en een sleutel door de poten. Die sleutel staat voor het ‘recht op terugkeer’ van de vluchtelingen en hun miljoenen nakomelingen, een Palestijnse eis die vrede al decennia bemoeilijkt en die indruist tegen het concept van de twee statenoplossing.

65 Jaar eerder dansten de Joden in de nacht van 29 op 30 november in de straten van wat toen nog het Britse mandaatgebied Palestina was, nadat de Verenigde Naties had voorgesteld het gebied op te delen in een Joodse en een Arabische staat van ongeveer gelijke grootte. De vreugde duurde toen niet lang, want al een dag later begon het geweld waarmee de Arabieren in Palestina eerder al hadden gedreigd indien het voorstel zou worden aangenomen. De Arabieren in Palestina en de Arabische staten wezen het delingsplan niet alleen af, maar dreigden ook implementatie onmogelijk te maken en een eventuele Joodse staat direct aan te vallen. Ook zeiden de Arabische staten dat men niet voor de veiligheid van de Joden in hun landen kon instaan, een nauwelijks verhuld dreigement aan bijna een miljoen Joden die al vele eeuwen in deze landen woonden.

Beide dreigementen werden ingelost, en in het vroege voorjaar van 1948 zag het er even naar uit dat er geen Joodse staat zou komen, toen de VN (feitelijk de aangestelde commissie die zich met de kwestie bezig hield) terugkrabbelde en de Verenigde Staten daarin mee dreigde te gaan. De Arabieren in Palestina hadden inmiddels Jeruzalem en andere Joodse plaatsen geblokkeerd en maakten vervoer en bevoorrading nagenoeg onmogelijk. Voor 100.000 Joden in Jeruzalem dreigde de hongerdood. Het zag er niet naar uit dat de op te richten Joodse staat zich zou kunnen te verdedigen tegen de Arabieren, en noch de VN noch de VS hadden enig animo de aangenomen resolutie met geweld af te dwingen. Hierop besloot de leiding van de Joden in Palestina om een gedurfd aanvalsplan, dat eigenlijk was bedoeld voor als de Britten zich uit Palestina hadden teruggetrokken, vervroegd uit te voeren en trokken zo het initiatief naar zich toe. Na een paar succesvolle tegenaanvallen werd besloten de stichting van Israel op 14 mei, de dag dat de Britten officieel vertrokken, door te zetten. De rest is geschiedenis.

Veel commentatoren schrijven dat na de VN resolutie er wel een Joodse staat kwam, maar geen Palestijnse. De schuld daarvan legt men vaak bij Israel, dat al die tijd de stichting van een Palestijnse staat zou hebben tegengehouden. De reden dat de Palestijnse staat er toentertijd niet kwam lag in de oorlog die volgde op de stichting van Israel en de verovering door Jordanië en Egypte van de Westoever en Gazastrook. Israel veroverde beide gebieden in 1967 op Jordanië en Egypte, nadat het door beide landen serieus werd bedreigd. Het wilde de gebieden (merendeels) teruggeven voor vrede, maar daar wilden de Arabische staten niks van weten. Nu heel het vroegere mandaatgebied Palestina onder Israelisch bestuur viel, kwamen de Palestijnen weer op de kaart en eisten onafhankelijkheid. Aanvankelijk in het hele gebied, daarna aarzelend en schoorvoetend om te beginnen op de Westoever en de Gazastrook. In 1988 zou Arafat voor het eerst indirect het gebied binnen de groene lijn hebben uitgesloten van zijn aspiraties, en in 1993 erkenden de PLO en Israel elkaars legitimiteit. Arafat bleef echter vaag en ambigu over zijn uiteindelijke doel, en sprak op een andere toon voor een Engelstalig of een Arabisch publiek. Vanwege deze doublespeak en later zijn actieve steun aan de Tweede Intifada heeft Israel hem nooit echt vertrouwd. Toch bood toenmalig premier Barak hem in 2000 een eigen staat met enkele wijken in Oost Jeruzalem. De Clinton parameters en voorstellen in Taba begin 2001 gingen nog verder. Arafat weigerde, onder andere vanwege de vluchtelingen. In september 2008 bood toenmalig premier Olmert Abbas wederom een staat op bijna het gehele grondgebied van de Westoever, maar een antwoord bleef uit en de onderhandelingen werden afgebroken vanwege de Gaza oorlog. Sindsdien is er geen sprake meer geweest van serieuze onderhandelingen, ondanks een gedeeltelijke bouwstop in de nederzettingen in 2009. President Abbas eiste een gehele bouwstop, ook in Oost Jeruzalem, en later kwamen daar nog voorwaarden bij zoals het op voorhand erkennen van de pre-1967 wapenstilstandslijnen als basis voor de grenzen van Palestina. Israel weigerde dit en Abbas besloot daarop dat als hij zijn zin niet kon krijgen in directe onderhandelingen met Israel, hij het via de VN zou proberen.

Israel wijst er terecht op dat de Palestijnen hiermee de Oslo Akkoorden schenden, waarin men overeen kwam dat de juridische status van de Westoever door geen van beide partijen mag worden veranderd. Volgens de Palestijnen schendt Israel dit met de voortdurende bouw in de nederzettingen, maar dat lijkt onlogisch. Men is niet overeen gekomen dat Israel de bouw moest staken, al kun je wel stellen dat de uitbreiding van nederzettingen niet bevorderlijk is voor het vredesproces.

Volgens velen is het vooral een symbolische zaak, waardoor de Palestijnen zich vooral moreel gesterkt zullen voelen. Abbas heeft echter eerder duidelijk gemaakt de strijd tegen Israel via de VN en juridische weg te willen voeren. Ook heeft hij nu zijn erkenning van de grenzen binnen. De aangenomen resolutie zegt onder andere:

Reaffirming its resolution 43/176 of 15 December 1988, resolution 66/17 of 30 November 2011, and all relevant resolutions regarding the “Peaceful Settlement of the Question of Palestine”, which, inter alia, stress the need for (a) the withdrawal of Israel from the Palestinian territory occupied since 1967, including East Jerusalem; (b) the realization of the inalienable rights of the Palestinian people, primarily the right to self-determination and the right to their independent State; (c) a just resolution of the problem of the Palestine refugees in conformity with resolution 194 (III) of 11 December 1948; and (d) the complete cessation of all Israeli settlement activities in the Occupied Palestinian Territory, including East Jerusalem

Het idee dat Israel eenzijdig de Westoever geheel moet ontruimen, Oost Jeruzalem inclusief de oude stad, de klaagmuur en de Joodse begraafplaats moet opgeven, en instemmen met de Palestijnse interpretatie van resolutie 194, is absurd en zou neerkomen op zelfmoord. Bovendien druist dit in tegen belangrijke resoluties van de Veiligheidsraad zoals resolutie 242 die oproept tot erkenning van en veilige grenzen voor alle staten in de regio. De statusverhoging zal president Abbas nog onbuigzamer maken tegenover Israel. Hij weet zich nu gesterkt door de internationale gemeenschap in zijn strategie elders te halen wat hij van Israel niet zonder tegenprestatie kan krijgen.

 

Share